Ken je dat?
Je staat 's morgens goed op. Je voelt je blij, hebt zin in de dag en zit lekker in je vel. Je hebt plannen, ideeën en energie.
En dan komt er iemand binnen.
Zuchtend. Mopperend. Alles is stom. Het werk deugt niet. Mensen zijn vervelend. Het weer is waardeloos. Niets lukt. Niets is leuk. En voor iedere oplossing is er alweer een nieuw probleem.
Een uur later denk je ineens:
Hé… waar is míjn goede gevoel gebleven?
Je bent moe. Geïrriteerd. Misschien zelfs somber. Je hoofd zit voller en je merkt dat je mee bent gegaan in de energie van de ander.
Ik noem dat: je frequentie zakt door iemand anders.
En of je dat nu spiritueel een lagere trilling noemt, of lichamelijk bekijkt als een zenuwstelsel dat reageert op spanning: het effect kan héél echt voelen.
Wanneer je voelt dat je energie verandert
Ik herken het inmiddels heel duidelijk bij mezelf. Soms hoef ik niet eens na te denken over wat er gebeurt. Ik voel het in mijn lichaam.
Wanneer ik langere tijd omringd ben door negativiteit, spanning, klagen of een zware sfeer, voelt het alsof mijn eigen energie langzaam mee naar beneden wordt getrokken. Alsof ik één stap vooruit heb gezet en vervolgens weer twee stappen achteruit.
Ik word zwaarder. Minder opgewekt. Mijn gedachten veranderen. Mijn lijf voelt anders. Mijn enthousiasme neemt af en ineens kosten dingen die daarvoor vanzelf gingen meer moeite.
Ik noem dat zelf: mijn trilling of frequentie zakt.
Maar inmiddels weet ik ook hoe de andere kant voelt.
Wanneer ik bewúst de regie terugpak door afstand te nemen van wat niet van mij is, mijn gedachten te veranderen, naar buiten te gaan, muziek op te zetten, te bewegen, dankbaarheid te voelen of affirmaties te gebruiken, merk ik óók lichamelijk verschil.
Er komt weer ruimte.
Ik voel me lichter. Krachtiger. Zekerder. Mijn zin om dingen te ondernemen komt terug. En misschien nog wel belangrijker: ik word minder vatbaar voor de negativiteit van een ander.
Dat vind ik een belangrijk inzicht. Je hoeft niet te leren hoe je ervoor zorgt dat andere mensen nooit meer negatief zijn. Dat kun je namelijk hélemaal niet bepalen.
Je kunt wél leren hoe je voorkomt dat hun stemming jouw binnenwereld gaat besturen.
Hoe sterker je daarin wordt, hoe sneller je het herkent:
Hé, dit gebeurt nu met mij. Ik zak mee.
En juist dát moment geeft je de mogelijkheid om te kiezen:
Nee. Dit is niet van mij. Ik ga terug naar mezelf.
Voor mij betekent een hogere trilling daarom niet dat ik de hele dag vrolijk moet zijn. Verdriet, boosheid en teleurstelling horen óók bij het leven. Het gaat erom dat ik er niet eindeloos in blijf wonen.
Want langdurige spanning doet wel degelijk iets met een mens. Als je maanden of jaren onder stress staat, blijft piekeren, emoties voortdurend wegdrukt of steeds opnieuw in dezelfde spanning terechtkomt, reageert niet alleen je hoofd daarop. Ook je zenuwstelsel en stresshormonen doen mee. Slaap, herstel, concentratie, stemming en lichamelijke processen kunnen daaronder lijden.
Daarom geloof ik dat verwerken, begrenzen en loslaten niet alleen iets is voor je hoofd. Het is óók zorg voor je lichaam.
En misschien is dát wel wat ik door de jaren heen het sterkst heb geleerd:
Ik kan niet altijd bepalen welke energie iemand anders meebrengt.
Ik kan wel bepalen hoe lang ik haar bij me houd.
En iedere keer dat ik mezelf terug weet te brengen naar rust, vertrouwen, plezier en richting, voelt het alsof ik sterker terugkom dan daarvoor.
Niet omdat niets mij meer raakt.
Maar omdat ik steeds beter weet hoe ik mezelf weer terug vind.
Energie is besmettelijk
We beïnvloeden elkaar constant. Een lach kan aanstekelijk zijn. Enthousiasme ook.
Je kunt binnenkomen bij iemand die ontzettend blij is en merken dat jij vanzelf vrolijker wordt.
Maar andersom werkt het ook.
Langdurige spanning en negatieve sociale interacties kunnen stress oproepen. Je lichaam reageert op je sociale omgeving: onder andere je autonome zenuwstelsel en je stresssysteem spelen daarin een rol.
Je hoeft dus niet eens degene te zijn die het probleem hééft om er lichamelijk op te reageren.
Misschien herken je dat wel. Iemand begint voor de zovéélste keer over álles wat verkeerd gaat en voordat je het weet ben jij oplossingen aan het bedenken.
Je probeert te helpen.
"Heb je hier al aan gedacht?"
"Waarom probeer je dit niet?"
"Misschien kun je het eens anders bekijken?"
Maar werkelijk iedere oplossing krijgt een ja, maar…
En dáár kun je ongelooflijk moe van worden. Niet omdat jij niet genoeg je best doet. Maar omdat je verantwoordelijkheid probeert te dragen die niet van jou is.
Je hoeft niet mee naar beneden
Dat is misschien wel een van de belangrijkste lessen:
Je kunt van iemand houden zonder zijn stemming over te nemen.
Je kunt luisteren zonder het op te lossen.
Je kunt begrip hebben zonder urenlang mee te gaan in hetzelfde negatieve verhaal.
En je mag zelfs zeggen: "Ik hoor dat je ermee zit, maar ik kan dit niet voor je oplossen."
Dat is niet onpersoonlijk.
Dat is begrenzen.
We zijn soms zo gewend om anderen te helpen dat we vergeten onszelf één simpele vraag te stellen:
Wat doet dit eigenlijk met míj?
Als je na ieder gesprek leegloopt, geïrriteerd bent of uren nodig hebt om jezelf terug te vinden, is dat informatie.
Misschien hoef je die persoon niet uit je leven te zetten.
Maar misschien moet je wel stoppen met alles binnen te laten.
Wat gebeurt er in je lichaam?
Wanneer je spanning ervaart, kan je lichaam overschakelen naar een actievere stressstand.
Daarbij spelen onder andere adrenaline en noradrenaline een rol. Bij aanhoudende stress is ook cortisol belangrijk. Je hartslag, alertheid, spierspanning, slaap en zelfs je immuunsysteem kunnen door langdurige stress worden beïnvloed.
Daartegenover staan systemen die betrokken zijn bij plezier, motivatie, verbinding en welzijn.
Dopamine speelt onder andere een rol bij motivatie, beloning en het verlangen om ergens naartoe te werken.
Serotonine is betrokken bij allerlei processen, waaronder stemming, slaap en eetlust.
Oxytocine speelt een rol bij sociale verbinding en vertrouwen.
Endorfinen zijn lichaamseigen stoffen die onder andere betrokken zijn bij pijnregulatie en het prettige gevoel dat bijvoorbeeld na beweging kan ontstaan.
Het is dus veel ingewikkelder dan: positief denken = meer gelukshormonen. Maar je gedachten, gedrag, omgeving, relaties, beweging, slaap en stress beïnvloeden samen wél hoe jij je voelt.
En dát vind ik interessante materie.
Want het betekent ook dat je niet altijd hoeft te wachten totdat de buitenwereld verandert voordat jij je beter kunt voelen.
Je kunt jezelf weer terugsturen
Daar leerde ik jaren geleden iets belangrijks over door *Louise Hay.
Door haar werk maakte ik kennis met affirmaties. In het begin kunnen affirmaties bijna gek voelen. Je staat misschien voor de spiegel en zegt:
"Ik ben goed zoals ik ben."
Terwijl er ergens in je hoofd onmiddellijk een stemmetje roept:
Ja hoor…
Maar dat is juist opmerkelijk. Want dat stemmetje laat zien welk verhaal je jezelf blijkbaar al héél lang vertelt.
*Louise Hay maakte het werken met gedachten en affirmaties voor heel veel mensen toegankelijk. Het uitgangspunt is eenvoudig: let eens op wat je de hele dag tegen jezelf zegt.
Want waarom zouden we verwachten dat we ons krachtig voelen wanneer onze interne dialoog constant bestaat uit:
Ik kan dit niet.
Dit gaat toch mis.
Ik ben niet goed genoeg.
Het lukt mij nooit.
Alles zit tegen.
Je hoort jezelf misschien niet eens meer.
Maar je luistert onbewust wel.
Affirmaties zijn geen toverspreuken
En dit vind ik belangrijk. Affirmeren betekent niet dat je een probleem ontkent.
Als je verdrietig bent, hoef je niet voor de spiegel te gaan staan roepen dat je fantastisch gelukkig bent.
Als er iets moet worden opgelost, moet je nog steeds handelen.
Een affirmatie is voor mij eerder het bewust kiezen van de richting waarin ik mijn aandacht wil sturen.
Van:
"Ik kan dit niet."
naar:
"Ik hoef nog niet te weten hoe. Ik kan wel de eerste stap zetten."
En van:
"Iedereen trekt mij leeg."
naar:
"Ik bepaal wat ik bij mij binnenlaat."
Van:
"Mijn hele dag is verpest."
naar:
"Dit moment was vervelend. Mijn hele dag hoeft dat niet te zijn."
Van:
"Ik ben onzeker."
naar:
"Ik vertrouw erop dat ik mijn eigen keuzes kan maken."
En juist dat soort zelfaffirmatie is ook wetenschappelijk interessant. Onderzoek laat zien dat stilstaan bij persoonlijke waarden en kwaliteiten stressreacties kan dempen. In studies werden onder andere een lagere cortisolrespons en veranderingen gevonden in hersengebieden die betrokken zijn bij beloning en de verwerking van stress.
Misschien noemen we het vanuit verschillende werelden anders. De één noemt het zenuwstelselregulatie. De ander zelfaffirmatie.
En weer iemand anders zegt:
Ik breng mijn trilling weer omhoog.
Voor mij hoeven die werelden elkaar helemaal niet uit te sluiten.
Hoe kom je weer omhoog als iemand je naar beneden heeft getrokken?
Begin klein.
Ga naar buiten.
Loop.
Zet muziek aan waarvan je onmiddellijk voelt: ja, daar ben ik weer.
Bewéég je lichaam.
Adem rustig.
Leg je telefóón weg.
Ga even alleen zitten.
Pak papier en pen, zet een verticale streep in het midden en schrijf op wat van jou is en wat van die ander is.
En kies bewúst een paar gedachten die jou terugbrengen.
Bijvoorbeeld:
Ik hoef de problemen van anderen niet te dragen.
Ik mag luisteren zonder het op te lossen.
De stemming van een ander bepaalt mijn stemming niet.
Ik kies rust.
Ik vertrouw op mezelf.
Ik mag mijn energie beschermen.
Ik ben verantwoordelijk voor mijn leven; de ander voor het zijne.
En misschien wel mijn belangrijkste:
Ik kan áltijd opnieuw kiezen.
Positiviteit betekent niet dat alles leuk moet zijn
Dit wordt nogal eens verkeerd begrepen. Positief leven betekent niet dat je nóóit boos, verdrietig of teleurgesteld mag zijn.
Integendeel.
Soms is boosheid precies het signaal dat je nodig hebt om eindelijk een grens te trekken.
Soms vertelt verdriet je dat iets belángrijk voor je is.
En soms is afstand nemen juist de meest liefdevolle keuze.
Een hoge frequentie betekent voor mij daarom niet voortdurend vrolijk rondhuppelen alsof het leven één grote feest is.
Het betekent veel meer:
terug kunnen keren naar jezelf.
Voelen wat iets met je doet. Niet blijven hangen in de negativiteit van een ander. Grenzen stellen. Verantwoordelijkheid nemen voor je eigen gedachten en gedrag. En de verantwoordelijkheid van een ander ook daadwerkelijk dáár laten.
Misschien hoef jij niemand te redden
Dat is een lastige. Zeker voor mensen die van nature zorgen, regelen, oplossen en vooruitdenken. Je ziet wat iemand zou kunnen doen. Je ziet mogelijkheden. Je ziet soms zelfs al tien stappen vooruit.
Maar wanneer iemand zelf niet loopt, kun jij die tien stappen niet voor hem zetten.
Hoe hard je ook trekt.
Misschien is de meest liefdevolle zin soms helemaal niet:
"Kom, ik help je."
Maar:
"Ik geloof dat jij dit zelf kunt."
En vervolgens daadwerkelijk een stap áchteruit doen.
Want wanneer jij constant iemands problemen opvangt, hoeft die ander soms helemaal niet te leren hoe hij ze zelf moet dragen.
En ondertussen draag jij twee levens.
Dat is niet de bedoeling.
Bescherm wat je hebt opgebouwd
Je hebt invloed op de sfeer waarin je leeft. Op de mensen met wie je veel tijd doorbrengt. Op de gesprekken waarin je meegaat. Op wat je leest. Wat je kijkt. Wat je tegen jezelf zegt. Waar je aandacht naartoe gaat.
Dat betekent niet dat je alleen nog maar positieve mensen om je heen moet verzamelen. Het betekent dat je leert herkennen wanneer iets jou structureel naar beneden trekt.
En dan mag je kiezen.
Voor afstand.
Voor een grens.
Voor stilte.
Voor muziek.
Voor beweging.
Voor een affirmatie.
Voor een andere gedachte.
Voor jezelf.
Niet omdat de wereld altijd positief is.
Maar omdat je niet verplicht bent iedere negatieve energie die bij je aanklopt ook binnen te laten.
Je kunt de ander niet altijd veranderen.
Maar je kunt wel besluiten waar jij blijft staan.
En soms begint een hogere trilling precies daar.
Tot de volgende blog.
Blijf nieuwsgierig. Soms begint een nieuwe richting met één inzicht.❤️
-
Verder lezen:
*Louise Hay (1926–2017) was een Amerikaanse auteur en een van de grondleggers van de moderne zelfhulpbeweging. Ze werd wereldwijd bekend door haar visie op de verbinding tussen gedachten, emoties en het lichaam. Affirmaties vormden een belangrijk onderdeel van haar werk: bewust leren luisteren naar wat je tegen jezelf zegt en negatieve overtuigingen vervangen door gedachten die je ondersteunen. Haar bekendste boek You can heal your life verscheen in 1984 en werd wereldwijd een bestseller.
In Nederland verscheen het als Je kunt je leven helen. Dit is ook het boek waarin ik voor het eerst echt leerde werken met affirmaties.
Je kunt je leven helen – Louise Hay (Nederlandse uitgever)
© Kompascoach – Carmen van Moorsel. Alle rechten voorbehouden.
Je bent van harte welkom om de link naar dit artikel te delen.
Het is niet toegestaan dit artikel, geheel of gedeeltelijk, te kopiëren, reproduceren, publiceren, verspreiden, bewerken of commercieel te gebruiken zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van Kompascoach.